Adviesraad Bloemendaal

Wat is de Adviesraad Bloemendaal?

De Adviesraad Bloemendaal is een onafhankelijke raad die de subsidieaanvragen die via Bloemendaalsamen worden ingediend, beoordeeld. De raad is in november 2016 feestelijk geïnstalleerd en telt één inwoner uit iedere dorpskern. Zes keer per jaar wordt er over subsidieaanvragen vergaderd, dit gebeurt in februari, april, juni, augustus, oktober en december. Over aanvragen voor buurtfeesten wordt maandelijks beslist. Meer informatie daarover vind je op de pagina  ‘Hoe lang van te voren moet ik subsidie aanvragen’. De Adviesraad is per mail te bereiken via adviesraad@bloemendaalsamen.nl.

We stellen ons graag even voor

De Adviesraad bestaat momenteel uit de volgende leden:

 

Ellen Verschuur (Bloemendaal, voorzitter)

‘BloemendaalSamen raakt het hart van gemeenschapszin.’

Margreet Pruijt (Overveen)

‘Ik word gelukkig als ik samen met anderen actief ben in mijn directe omgeving. Zoals gezamenlijk snoeien en zagen als vrijwillig natuurbeheerder in de duinen bij Overveen of op Elswout. Of in de Adviesraad mijn denkkracht inzetten om mooie initiatieven van inwoners te helpen stimuleren.’

 

Ronald Overmeer (Aerdenhout)

‘Ik reken op veel meer aanvragen van Aerdenhouters!’

Theo van Dijk (Bennebroek)

’Sinds 2016 woon ik in Bennebroek en mijn jeugd heb ik in Bloemendaal doorgebracht. Ik werk in Bennebroek als zelfstandig communicatieadviseur vanuit mijn bedrijfje Mediagenique.
Ik vind het belangrijk om in mijn woonomgeving te weten wat er gebeurt en vind het vanzelfsprekend  om een bijdrage te geven aan het  aangename leef- en woongenot in Bennebroek. De activiteiten van BloemendaalSamen verbinden de bewoners. Samen bereik je meer en heb je meer plezier!

 

Jan Knijn (Vogelenzang)

‘Ik ben Jan Knijn en zit namens Vogelenzang in de Adviesraad BloemendaalSamen. De reden om dat te doen was en is het belang van BloemendaalSamen om voor en met elkaar als gemeenschap burgerinitiatieven, die moeilijk realiseerbaar zijn middels een financiële ondersteuning mogelijk te maken.’